Kippenpoten bak je in de pan in 30 tot 35 minuten op middellaag vuur. Begin met olie, voeg daarna boter toe voor de smaak. Draai elke paar minuten, houd de deksel half open en bak de laatste minuten zonder deksel voor extra knapperige huid.
Kippenpoten zijn zo’n klassieker die eigenlijk iedereen lekker vindt. En je hebt er niet eens een oven voor nodig. In de pan worden ze net zo goed knapperig, als je weet hoe lang ze gebakken moeten worden en wanneer je moet draaien.
Hoe lang kippenpoten bakken in de pan?
Gemiddeld bak je kippenpoten in de pan 30 tot 35 minuten op middellaag vuur. Begin met aanbraden op middelhoog vuur voor die bruine, krokante buitenkant. Zet daarna het vuur lager en laat ze rustig doorgaren met de deksel half op de pan.
Als vuistregel kun je aanhouden:
- Kleine kippenpoten (150 g): 25–30 minuten
- Grote kippenpoten (250 g): 35–40 minuten
De kip is gaar bij een kerntemperatuur van 75 °C of als het sap dat eruit loopt helder is (niet meer roze). Steek eventueel met een vork bij het gewricht: loopt er helder vocht uit, dan zit je goed.
De juiste pan en temperatuur
Gebruik het liefst een koekenpan met dikke bodem of een gietijzeren pan. Die houden de warmte goed vast en verdelen de hitte mooi gelijk.
- Begin op middelhoog vuur om aan te bakken.
- Zet daarna terug naar middellaag vuur zodat de kip rustig gaart zonder aan te branden.
- Houd de deksel half op de pan: dat houdt het sappig, maar voorkomt een slappe huid.
Kippenpoten zijn vet genoeg om zichzelf een handje te helpen, maar een beetje extra vetstof doet wonderen.
Gebruik je olie of boter?
Start met olie (zonnebloem, arachide of olijfolie mild). Die kan goed tegen hoge temperaturen en zorgt dat de huid niet meteen aanbakt.
Als de poten mooi bruin zijn, voeg je een klontje boter toe voor extra smaak en glans. Wil je dat de huid extra knapperig blijft? Laat de kip de laatste 5 minuten bakken zonder deksel en draai het vuur iets omhoog.
Zo bak je kippenpoten stap voor stap
- Voorbereiden: Haal de kippenpoten 20 minuten van tevoren uit de koelkast. Dep ze goed droog met keukenpapier. Bestrooi met zout, peper en eventueel wat paprikapoeder of kipkruiden.
- Pan voorverwarmen: Zet de pan op middelhoog vuur met een laagje olie. Wacht tot de olie licht begint te bewegen.
- Aanbraden: Leg de kippenpoten in de pan en bak alle kanten goudbruin (ongeveer 8 minuten in totaal). Draai met een tang, niet prikken.
- Boter toevoegen: Voeg nu een klont boter toe en bedruip de kip met het vet.
- Vuur verlagen: Zet het vuur terug naar middellaag en leg de deksel half op de pan.
- Rustig bakken: Laat de kip nog 20–25 minuten verder bakken. Draai elke 6–8 minuten.
- Controle: Check de garing: bij 75 °C of helder sap is het goed. Geen thermometer? Trek zachtjes aan een drumstick — het vlees moet makkelijk loslaten van het bot.
- Krokante finish: Haal de deksel eraf en bak de laatste 3 minuten iets heter, zodat de huid lekker knispert.
- Rusten: Laat de kip 5 minuten rusten voor serveren. Zo blijven de sappen mooi verdeeld.
Veelgemaakte fouten (en hoe je ze voorkomt)
- Te hoog vuur: de huid verbrandt, binnenin rauw. Zet lager zodra het te hard sist.
- Te snel draaien: geef elke kant even de tijd om dicht te schroeien.
- Te veel in de pan: kip stoomt dan in plaats van bakt. Werk liever in twee rondes.
- Deksel dicht: kip wordt dan zacht in plaats van krokant. Half open is perfect.
Bewaren en opwarmen
Afgekoelde kippenpoten kun je 2 dagen bewaren in de koelkast, goed afgedekt. Opwarmen doe je het best in de oven (180 °C, 10 minuten) of in de pan op laag vuur met een deksel erop. Invriezen kan tot 3 maanden.
Bekijk ook eens onze tips voor het bakken van andere kipgerechten:






